‘Je hoeft niet iedere afslag te nemen.’ – Column

Door: Edwin

Toen ik begon aan het traject *Sneller Onbeperkt Meedoen* van Rehab Academy, dacht ik dat ik daar vooral zou leren omgaan met mijn lichamelijke beperking. Ik had eigenlijk een heel praktisch beeld. Leren omgaan met een rolstoel. Slimmer bewegen. Handige oplossingen vinden voor de dingen waar je in het dagelijks leven tegenaan loopt. En eerlijk is eerlijk… dat hebben we ook gedaan. We gingen handbiken, kanoën, boodschappen doen, koken, met het openbaar vervoer op pad en oefenden allerlei vaardigheden die helpen om zo zelfstandig mogelijk mee te doen in de maatschappij. Maar achteraf gezien waren dat niet de grootste lessen. De grootste les ging eigenlijk helemaal niet over mijn beperking. Die ging over mezelf. 

Altijd de volgende afslag

Die weg staat voor mijn leven: Werk? Ja hoor. Vrijwilligerswerk? Natuurlijk. Voetbal? Dat doen we ook. Studie? Kan er nog wel bij. En als iemand hulp nodig had, zei Edwin eigenlijk altijd wel ja. Ik nam iedere afslag die op mijn pad kwam. Niet omdat het moest, maar omdat ik graag iets voor een ander beteken. Omdat ik graag problemen oplos. Omdat ik mensen wil helpen. Dat is een mooie eigenschap. Maar tegelijkertijd ontdekte ik dat daarin ook mijn grootste valkuil zat. Ik vergat mezelf.

De kracht van herkenning

Misschien was het mooiste van het hele traject niet eens wat we deden, maar met wie we het deden. We begonnen als twaalf onbekenden. Allemaal met een ander verhaal. Een andere beperking. Een andere rugzak. Toch was er ontzettend veel herkenning. Je hoefde niet uit te leggen waarom je moe was. Waarom iets vandaag even niet lukte. Of waarom je soms gewoon stil was. Iedereen begreep dat. Juist daardoor ontstonden de mooiste gesprekken. We hielden elkaar een spiegel voor, daagden elkaar uit, lachten ontzettend veel en waren eerlijk tegen elkaar wanneer dat nodig was. Dat voelde veilig.
En juist in die veiligheid durf je ook eerlijk naar jezelf te kijken.

Niet overal een tien voor.

Tijdens de eerste dagen schreef ik een hele lijst met doelen op: Mijn energie beter verdelen;  Grenzen aangeven;  Hulp leren vragen; Minder willen bewijzen;  Meer tijd nemen voor mezelf. Eigenlijk wilde ik alles tegelijk aanpakken. Tot iemand mij wees op een klein woordje dat ik voortdurend gebruikte: “Eigenlijk.”
“Ik ben eigenlijk moe.” “Het gaat eigenlijk wel.” Dat woord maakte alles kleiner dan het werkelijk was. En misschien deed ik dat met mezelf ook wel. Tijdens het traject ontdekte ik dat ik iedere dag leefde op wilskracht. Alsof mijn energie onuitputtelijk was. Terwijl dat natuurlijk niet zo is. Iedereen krijgt zijn eigen potje met energie voor die dag. Mijn potje was vaak halverwege de middag al leeg. En toch ging ik door. Dat houd je een tijdje vol. Maar niet voor altijd.

Soms is stilstaan de beste keuze.

De grootste les die ik mee naar huis heb genomen is eigenlijk heel simpel. Je hoeft niet iedere afslag te nemen. Niet alles hoeft vandaag. Niet alles hoeft door jou. En je hoeft ook niet overal een tien voor te halen. Sinds het traject stel ik mezelf steeds vaker één vraag: “Word ik hier vandaag beter van?”

Is het antwoord nee? Dan is het ook goed om even stil te staan. Dat voelt soms nog steeds onwennig. Maar ik weet inmiddels dat goed voor jezelf zorgen geen teken van zwakte is. Sterker nog…
Het is misschien wel de sterkste keuze die je kunt maken. Want pas als ik goed voor mezelf zorg, kan ik er ook écht zijn voor mijn vrouw, mijn kinderen, mijn collega’s, de mensen in de wijk en alle vrijwilligers met wie ik zo graag samenwerk.

Meer dan een revalidatietraject. Ik begon aan Sneller Onbeperkt Meedoen omdat ik dacht dat ik beter wilde leren omgaan met mijn beperking. Ik rondde het af met iets veel waardevollers. Ik leerde beter omgaan met mezelf. En misschien is dat wel de mooiste winst die ik had kunnen behalen.